Velt Kortrijk-Zwevegem

snoeien fruitbomen kleinfruit

snoeien fruitbomen kleinfruit

Hieronder een samenvatting van meerdere snoeilessen. Je zal merken dat er vaak punten herhaald worden en soms op een andere manier verwoord. Verslag van Martin Raepsaet.

Meer uitleg en beeld over snoeien vind je in het boek "Appel, peer en meer" en "Ecologische teelt van kleinfruit" van VELT. Deze boeken zijn verkrijgbaar bij onze secretaris en boekenverantwoordelijke: Mike en Katrien, Stedestraat 71 in Zwevegem.

Appel en peer en andere fruitbomen

Kleinfruit

APPEL en PEER en andere fruitbomen

Algemene aandachtspunten

Zorg bij het aanplanten dat de entplaats (verdikking van de vergroeiing van onderstam en ent) steeds minstens 15 cm boven de grond (het maaiveld) staat, zoniet bestaat de kans dat de opgeënte boom rechtstreeks met de grond in contact komt en daar extra gaat wortelen, en dan is de groei niet meer in toom te houden.

Bij  jonge boompjes is men geneigd rap een ‘grote’ boom te willen, waardoor vaak in het begin te weinig gesnoeid wordt in de hoogterichting of waarbij men teveel takken laat ontwikkelen : dit geeft later evenwel geen goede boom. De onderste takken moeten dikker zijn dan de bovenste, zoniet gaat de onderste tak wegkwijnen omdat de groeikracht weggestolen wordt door de bovenste takken (vooral bij leifruit : eerst voldoende tijd geven aan de onderste takken vooraleer de bovenste takken te laten ontwikkelen)

Voedingsstoffen uit de bodem worden in het blad door fotosynthese omgezet in voedsel/energie. Daarvan gaat 1/3 naar de wortelgroei, 1/3 naar de vruchten en 1/3 naar nieuwe scheuten en vruchtknoppen voor het volgende jaar. Teveel vruchten kan zorgen voor weinig bloemknoppenaanleg (bij beurtjaargevoelige rassen). Anderzijds zal een teveel aan scheutgroei er ook voor zorgen dat er geen of zwakke bloemknoppen worden aangelegd. Dus voor aanleg van veel bloemknoppen :

Dus: rechtop groeiende twijgen maken geen of nauwelijks bloemen; vanaf 45° en lager krijgen we veel bloemen, veel fruit.

Typisch bij leifruit: de bovenste gesteltakken krijgen van nature steeds meer voedsel dan de onderste, dus moeten we de boom helpen zijn voedsel te verdelen door (typisch bij leifruit) :

Snoeien doet groeien of snoeien doet bloeien?

Door te knippen in eenjarig hout wordt de groei gestimuleerd. In regel wordt het éénjarig hout het eerste jaar van de aanplant meteen ingesnoeid om vertakking en groei te stimuleren. Nadien wordt eenjarig hout in regel niet meer ingesnoeid, alleen nog volledig afgeknipt tot op het meerjarig hout ofwel uitgebogen. Te trage groeiers kunnen we echter wel nog door snoeien in het eenjarig hout stimuleren, maar zeker bij sterke groeiers: nooit insnoeien in éénjarig hout.

Dus: knippen doe je in regel alléén in meerjarig hout! (uitgezonderd als de groei begint te verzwakken)

We kunnen echter vooral ook de aanleg van bloemknoppen stimuleren door oordeelkundige snoei : zie verder. Algemeen kan men stellen : een zwakke groei zorgt voor meer bloei, het is echter een kwestie van hierin het juiste evenwicht te vinden, en dit is voor elke boom anders.

Teveel bemesting geven aan een sterk groeiende boom is dus een slechte zaak. Tevens zorgt teveel stikstof voor een te weelderige groei waardoor ziektes (witziekte) meer kansen krijgen. Sterke groeiers (bvb Clapps peer): weinig voedsel geven, anders kan je blijven snoeien wegens teveel houtvorming.

De beschreven snoei is vooral geldig voor laagstam en halfstam, doch de basisregels zijn evenzeer van toepassing op hoogstam.

Let bij hoogstam op het volgende :

Pruim en kers: steenfruit wordt in regel alleen gesnoeid onmiddellijk na de pluk (aug- sept) omwille van infectiegevaar. Als men toch in de winter snoeit, dan nooit voor de bloei (eind maart).

Walnoten mogen alleen gesnoeid worden in augustus/september. In de winter snoeien resulteert in zwaar bloeden van de bomen zodra het lente wordt, met mogelijk afsterven van de boom.

Wintersnoei

Wanneer: niet vóór half februari, kan tot half april. Zeker nooit in oktober-december omwille van kanker/schimmel, want dan blijft de wonde open = infectiegevaar! (Bij zomersnoei is de wonde wel binnen de 4 uur afgegrendeld).

Hoe later men snoeit in de winter, hoe minder kans dat de snijwonden besmet worden, omdat in april de groei weer op gang komt en de wonde dan snel bedekt wordt. (Bij te vroege snoei in vochtig weer kan de wonde met wondbalsem afgedekt worden, maar dan moet dat wel binnen enkele uren gebeuren, anders beter niet want dat woekeren de schimmels al onder de wondbalsem).

Wintersnoei = groei stimuleren, dus vooral nodig in de eerste 4 jaren na het planten

 1) Snoei bij het aanplanten: snoeien doet groeien

2) Vormsnoei: vanaf tweede jaar, tot 3 à 4 jaar

3) Onderhoudssnoei: in winter of zomer mogelijk

4) Achterstallige snoei: Een oudere boom krijgt een veel te dicht takkengestel. De oorspronkelijke takken groeien elk jaar verder en gaan doorbuigen door het fruit. Op de kromming van de doorbuiging komt dan een nieuwe jongere tak die ook verder groeit en op zijn beurt doorbuigt, en weer komt een nieuwe jongere tak daarbovenop. Zo ontstaat een boom waar je niet meer doorheen kan kijken; ook krijgen we afhangende takken met heel veel bloembotten, en dit geeft veel, maar niet zon-belicht, kleiner en smaakloos fruit. Die evolutie kunnen we corrigeren door snoei:

Nog een tip ivm. dat reactiehout (waterlot): reactiehout staat vaak in een tros:

Bij hoogstam: zeker driejaarlijks nazien, maar in principe alleen de grote takken en waterlot wegnemen per verdieping 3 à 4 hoofdzijtakken laten groeien en verlengen.

Belangrijke spelregels voor de onderhoudssnoei (vooral toepasselijk voor laagstamfruit)

EENJARIG HOUT
1/ Eenjarig hout NIET insnoeien :

-meestal is de eindknop een bloemknop : deze dient als groeiregulator van die twijg : de tak krijgt daardoor geen verlengenisgroei en de lager gelegen knoppen worden gestimuleerd om bloemknoppen te vormen voor het daaropvolgende jaar.

- ongewenst eenjarig hout snoei je in regel volledig weg met voet (met voet = meskant van de schaar tegen de tak) tenzij je de groei wil stimuleren of meer zijtakken wenst te bekomen :  in eenjarig hout snoeien betekent veel ongewenste nieuwe scheuten (waterlot) : eenjarige scheuten niet insnoeien dus !

2/ Loodrecht (verticaal) op de rug van gesteltakken ingeplante, meestal zware scheuten volledig wegsnoeien met voet (tenzij er geen zijwaarts gerichte scheuten zijn : in dit geval kan je dit takken uitbuigen naar 45° of lager) ; door deze scheuten te snoeien op voet (= snoei 3 mm boven de inplanting) zullen zich in de volgende zomer zijwaartse scheuten ontwikkelen die wel goed georiënteerd staan.

Aandacht : snoeischaar bij het snoeien steeds horizontaal houden : uit de slapende ogen in de horizontaal gesneden voet kunnen alleen zijdelingse nieuwe scheuten ontstaan  (= juist gericht)

3/ Alle scheuten die duidelijk veel sterker groeien dan de andere : volledig met voet wegsnoeien

4/ Goed gerichte zijwaarts gerichte twijgen behouden, zeker niet inkorten want :

            -in het volgende jaar komen hierop de bloemknoppen (vorming vruchthout)

            -in het volgend jaar zal de verlengenis automatisch gering zijn

dergelijke  jonge twijg kan het daaropvolgende jaar met 1/3 teruggesnoeid worden tot op een aantal bloembotten

5/ Te dicht opeenstaande twijgen uitdunnen, doch denk eraan: waterschot voorkomen= steeds met voet wegsnoeien in de winter, ofwel snoeien in de zomer

6/zorgen dat zijtakken op de hoofdzijtakken niet te lang worden (zij mogen geen concurrent worden):

terugsnoeien op een neerwaarts gericht oog: daartoe een stompje laten staan zodat  het oog

      niet meteen een loot naar boven laat groeien; stompje het jaar daarop wel wegsnoeien

terugsnoeien op een vruchtbot van meer dan één jaar (staat dan op een houtig stompje)

niet terugsnoeien op een gewoon oog tenzij je daar een nieuwe verlengingsgroei wenst; in dat

     geval de volgende twee knoppen met je nagel weghalen zodat de verlengenis geen

     concurrentie heeft bij het uitlopen

7/ wanneer je bij appel een topje van een jonge twijg wegsnoeit waar op het lagere gedeelte bloembotten staan, dan zullen die bloembotten geen vrucht dragen (verwelken van de bloemen). Dus alleen terugsnoeien op een bloembot op houtig stompje.

(Let wel, bij peer is dit geen probleem)

8/ een twijg met op het einde een bloemknop (= duidelijk dikker dan een bladknop) zal niet verder groeien, moet dus niet noodzakelijk ingekort worden

9/ zijtakjes van zijtakjes  inkorten, deze mogen niet lang of sterk worden (=concurrent worden van de zijtak)

10/ zijtakjes met meer dan 3 bloembotten inkorten tot op een meerjarige (verhoute) bloembot: drie appels is genoeg per zijtakje

Indien zich ongewild uit de snoeiplaats toch scheuten zouden ontwikkelen : in de daaropvolgende junimaand de kruidachtige scheuten met de hand uitscheuren zodat ook de ogen  mee verwijderd zijn.

 

MEERJARIG HOUT
1/ Meerjarig hout mag wel ingesnoeid worden : indien deze twijgen te lang zijn kan je ze terugsnoeien op een bloemknop, vooral ook omdat alle hogere (= verder van de stam afstaande) niet-bloemknoppen concurrenten zullen zijn van de vruchtvorming ; doe je dat niet, dan zullen vele vruchten niet ontwikkelen en verschrompelen.

2/ Bij het inkorten van takken : zoveel mogelijk er zorg voor dragen dat de sapstroom niet van richting moet veranderen : steeds de doorlopende twijg behouden en de zijsprong wegsnoeien. Dit is evenwel niet zo bij het wegsnoeien van te diep doorbuigende takken, daar behoud je de bovenste tak van de splitsing (= jongere tak)

3/ Onderaan de boom mag je de takken korter insnoeien : hoe korter je insnoeit, hoe hoger de prikkeling tot groei. De onderste takken hebben de neiging tot vermindering van groei, ten voordele van de bovenste takken. Dit kan je op deze wijze dus reguleren.

4/ Bij het wegnemen van concurrerende takken : steeds de dikste wegnemen, want die groeit het hardst en neemt het meeste sap weg.

 

GESTELTAKKEN
De eenjarige verlengenis op het einde van de gesteltakken wordt op een 3-tal ogen (6 cm) ingesnoeid : daardoor onstaat daar een vertakking die je het daaropvolgende jaar op dezelfde wijze behandelt en dus weer insnoeit.

Dit betekent dat we hier een gecontroleerde stimulatie van groei veroorzaken. Doen we dat echter niet, dan zal er overal op de gesteltak een ongewenste groei van zijscheuten ontstaan.

 

 

KLEINFRUIT

Kruisbes, zwarte aalbes, jostabes

De bessen groeien op eenjarig hout : twijgen die in de vorige zomer gevormd werden (bij kruisbes zijn deze witgrijs van kleur). De jaarlijkse snoei moet er dus voor zorgen dat er elk jaar nieuwe krachtige lange jaarscheuten groeien. Ook moet er door snoei licht in de struik gebracht worden (uitdunnen van te dicht hout). Hierbij worden de sterkste scheuten behouden : geven de grootste vruchten.

Jonge eenjarige twijgen

Meerjarige twijgen (hebben reeds gebloeid en vrucht gedragen)

Kruisbes :

Aalbes :

 

Trosbes (rode en witte besjes)

Trosbessen groeien op tweejarig hout en ouder. Op hetzelfde hout kan gemakkelijk tot 3 jaar goed geoogst worden, nadien worden de bessen stelselmatig kleiner en zijn de trosjes korter. 

Opbouw van de struik : 4 à 5 gesteltakken vanuit de grond. Bij het planten kan je de struik best iets dieper planten zodat er gemakkelijk voldoende nieuwe grondtakken kunnen ontstaan, noodzakelijk voor de verjonging.

 Jonge nieuwe scheuten:

Meerjarige takken en oude bloeitakken:

Framboos 

Zomerdragende rassen (dragen in juli/aug op de zijtakken van de stengels van vorig jaar)

Herstdragende rassen (dragen op de zijtakken van stengels die zich in datzelfde jaar ontwikkelden)

Wintersnoei : snoei vanaf december, ten laatste vroeg in het voorjaar alle stengels tot op de grond weg zodat de nieuwe scheut snel kan groeien om in september vrucht te dragen.
Je kan er ook voor kiezen om enkele takken die al gedragen hebben te laten staan: deze zullen dat in juni/juli vrucht dragen waarna ze volledig mogen weggeknipt worden, want ze zullen toch afsterven volgende winter. Tussen die blijvers zullen zich vanaf het voorjaar ook nieuwe grondscheuten ontwikkelen die dan in de herfst al zullen vrucht geven. Zo geniet je zowel in de zomer als in de herfst van frambozen op deze herfstrassen.